snoeverij

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. je beter, groter of sterker voordoen dan je eigenlijk bent
    Hij liet zich weer niet verleiden tot gedurfde uitspraken. Fred Rutten houdt niet van bluffen. Snoeverij is hem vreemd, maar de 2-1 overwinning op achtervolger SC Heerenveen bracht zijn ploeg weer op een hoger plan in de pikorde van de eredivisie. Tubantia 19-02-07 [https://www.tubantia.nl/fc-twente/fc-twente-kan-zich-serieus-op-top-drie-richten~a0ffe742/ FC Twente kan zich serieus op top drie richten]
    Ik zag eerste ontmoetingen voor me, schuchterheid en snoeverij, eenzaamheid en verlangen, lange levens met heel wat tegenslagen. HP de Tijd 0/06 | 2013 MATT DINGS [https://www.hpdetijd.nl/2013-06-10/vrijgrage-huismus-zoekt-bonte-specht-de-wereld-van-de-mini-advertentie/ Vrijgrage huismus zoekt bonte specht: de wereld van de mini-advertentie]

Etymologie

* van snoeven

Vertalingen

Engelsbravado, boasting, boast