omzoming
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- de rand van een weg of een gebiedWie op Google Maps inzoomt op viaduct Anneville bij het Bredase Ulvenhout, ziet dat de boom onderdeel is geweest van de omzoming van de Annevillelaan. „Dit was een van de oprijlanen van landgoed Anneville”, vertelt woordvoerster Edith van Gemert van Rijkswaterstaat Noord-Brabant. Reformatorisch Dagblad Gijsbert Wolvers 26-07-2010 [https://www.rd.nl/vandaag/binnenland/de-troetelboom-van-rijkswaterstaat-1.564756 De troetelboom van Rijkswaterstaat]
Etymologie
* van omzomen
Vertalingen
Engelsrim, border
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek