immobiliseren

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. het onbeweeglijk maken van gekwetste ledematen
    „Ik heb niets gebroken maar kamp met een ontwrichte schouder”, sprak Contador gisteravond na een bezoek aan de dokter in het hotel van zijn ploeg Tinkoff-Saxo. „De artsen hebben me geadviseerd om de linkerarm te immobiliseren gedurende de avond en nacht, terwijl ik met mijn andere arm moet proberen om de schouder te bewegen.NRC Maarten Scholten 15 mei 2015 [https://www.nrc.nl/nieuws/2015/05/15/contador-tussen-hoop-en-vrees-met-ontwrichte-schou-1494774-a1136410 Contador tussen hoop en vrees met ontwrichte schouder na val ]
  2. zorgen dat iets niet meer verplaatst kan worden
    De federale staatssecretaris heeft vooral auto’s met buitenlandse nummerplaten op het oog. „Veel van die bestuurders nemen geen parkeerticket of nemen plaatsen in die voorbehouden zijn voor bewoners. Wanneer het lokale parkeerbedrijf straks merkt dat deze parkeerboetes onbetaald blijven, zal het de auto kunnen immobiliseren met een wielklem”, zegt Wathelet dinsdag in Belgische media.Reformatorisch Dagblad 18-12-2012 [https://www.rd.nl/vandaag/buitenland/wielklem-voor-buitenlandse-foutparkeerder-1.274203 „Wielklem voor buitenlandse foutparkeerder” ]

Etymologie

* afleiding van mobiliseren

Vertalingen

Engelsimmobilization