beteren
/bəˈterə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) van een laag teer voorzienZij beteerden de weg en verbeterden daarmee de toegang tot het park.
werkwoord
- (ov) verbetering aanbrengen met name in moreel opzichtHij beloofde zijn leven te zullen beteren.
Etymologie
*[B] afgeleid van "beter"
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek