akst
mannelijk/vrouwelijk (de)/ɑkst/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- zwaar, snijdend blad op een lange steelHoe wordt de steenen akst, die schedels splijt, Gezwaaid door de' ijz'ren spier en naakte leden! De voorzaatJacques Perk. 1859-1881
Etymologie
* van Middelnederlands "aex"
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek