accountancy

vrouwelijk (de)/əˈkɑuntənˌsi/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. financieel (financieel) werk dat de accountants zouden moeten uitvoeren d.w.z. het beroepsmatig jaarrekeningen controleren of opmaken of de administraties voeren van de bedrijven

Etymologie

*leenwoord van het Engels

Vertalingen

Engelsaccountancy, accounting