wetenschapsman

mannelijk (de)/ˈwetənsxɑpsˌmɑn/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. wetenschap (wetenschap) man die zich beijvert stelselmatige kennis en begrip op academisch niveau te vergroten
    Prof. dr. A. G. De Wilde, hoogleraar Anatomie en Embryologie aan de Rijksuniversiteit van Groningen, is een voorzichtige wetenschapsman bij wie de woorden 'mogelijk' en 'misschien' vóór op .de tong liggen.