vrijhouden

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) ~ voor zorgen dat iets niet bezet raakt
    Hij had er speciaal die dag voor vrijgehouden.
    Thuis had ik een systeem in elkaar geknutseld met klittenband die de paraplu aan mijn rugzak bevestigde, waardoor ik mijn handen vrijhield voor mijn wandelstokken.