vrijheidsbeneming

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het in hechtenis nemen van iemand
    Er is wel degelijk sprake - ik citeer artikel 67a van het Wetboek van Strafvordering - van ëen gewichtige rede van maatschappelijke veiligheid, welke de onverwijlde vrijheidsbeneming vordert.
  2. iemand gevangen houden
    De winkeleigenaar wordt vervolgd voor wederrechtelijke vrijheidsbeneming. De meisjes waren volgens de politie niet tegen hun zin in de winkel maar volgens de wet moesten ze 's nachts in de instelling zijn.