vrede

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈvredə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. politiek (politiek) ontbreken van oorlog
    In grote delen van de wereld blijkt het keer op keer niet mogelijk de vrede te bewaren.
    Onwillekeurig moest hij aan vrede denken.
  2. toestand van rust
    'Welke tirannie?' 'De meeste mensen hier willen gewoon hun kool planten en die in vrede opeten,' zei Isaac.
    In de natuur vind ik rust en vrede om na te denken en te bidden.

Etymologie

* In de betekenis van ‘toestand van rust’ voor het eerst aangetroffen in 815

Uitdrukkingen

  • De vrede bewaren.

Vertalingen

Engelspeace
Franspaix
DuitsFrieden
Spaanspaz
Italiaanspace
Portugeespaz
Russischмир
Chinees和平
Japans平和
Koreaans평화
Arabischسلام
Turksbarış
Poolspokój
Zweedsfred
Deensfred