voorspelling

vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een uitspraak over iets wat in de toekomst zou kunnen gebeuren
    Zijn voorspelling is toch nog uitgekomen.
    Ook kwam hij terug op de favorietenrol die hem vanaf het begin werd toegedicht. ,,Ik heb die voorspellingen nooit beschouwd als waarheden. Het waren voorspellingen, meer niet. Tubantia Stefan Raatgever 19 mei. 2019 [https://www.tubantia.nl/dossier-duncan-wint-songfestival/duncan-doet-waar-nederland-na-44-jaar-naar-smachtte~afc527e7/ Duncan doet waar Nederland na 44 jaar naar smachtte]
    De voorspellingen zijn goed: met 18 graden en een aardig lentezonnetje belooft het donderdag een heerlijke Bevrijdingsdag te worden. Het festival op de Universiteit Twente - Bevrijdingsdag Enschede - is stijf uitverkocht.

Etymologie

* van voorspellen

Vertalingen

Fransprognostication
DuitsVorhersage, Prognose
Spaanspronosticación