voorbereidingswerk

onzijdig (het)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. werk dat men moet doen voordat men met de eigenlijke werkzaamheden kan beginnen
    In Dresden waren echter veel Aziatische toppers niet aanwezig. De Zuid-Koreanen Suk Hee Shim, Min Jeong Choi en Ji Yoo Kim kozen voor voorbereidingswerk op de Asian Winter Games en de Schotse Elise Christie kon niet meedoen vanwege oogklachten.