vistas
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈvɪstɑs/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- buidel of koffertje met benodigdheden voor het hengelenGloria legt op elk bord twee boterhammen en stopt dan een half witbrood in haar vistas.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek