trapmachine

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. (naai)machine die door trappen in beweging wordt gebracht
    Nou enfin, het was allemaal te begrijpen; en 't was nog mooi dat ze die vrijer en die letter hadden, want er was nu eenmaal geen geld genoeg; dat zei wel niemand, maar 't sprak vanzelf: stond daar in de kamer niet de prachtige machine, de trapmachine die oom Dirk net een week voor St. Niklaas had gebracht.
    't Heette dat juffrouw Dubois ze maakte, moe was de helpster, maar 't meeste deed moe al; ze was gauw genoeg aan de trapmachine gewend, ze kon het eigenlijk al dadelijk.