snoes
mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een heel aardig iemand met name als het gaat over kinderen en vrouwenIk heb een snoes van een vrouw en twee snoesjes van dochters.Hoe noem je iemand die je lief vindt? En hoe noemt iemand die jou lief vindt jou? Schat en schatje hoor je veel. Even afgezaagd zijn: lieverd, lieveling, liefje, lieverdje, lief, snoes. Je kunt het bij de dieren zoeken en zeggen: duifje, beertje, hondje, poesje, snoezepoes, prijsdier, knuffel. Je kunt het in andere talen zoeken en zeggen: amour, amore, baby, cherie, lover, sweety pie, darling, schatzlein, sweetheart, honey. Je kunt het bij de lekkernijen zoeken en zeggen: lekkerbekje, suikerklontje, zoetje, zoetelief, honingdropje, hartelap, droppie, snoepie, schattebout, schattepetat, lekkerdje. Meer op het uiterlijk gericht zijn: snoetje, spetter, stuk, stoot, pukkie. Een tikje eigenaardig zijn: drol, keutel, scheetje, poepie. Ouderwets zijn: dot, hartedief, zonnetje, honnepon, pop, kindje, prinsesje. Altijd goed zijn: engel, hartje, oelepetoet, troel, troetel, mop, moppie, kleddertje, woezelewazzie en schat. NRC 5 april 1991
Etymologie
*afkorting van snoeshaan
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek