rijksdag

mannelijk (de)/ˈrɛiksdɑx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. (Duits) parlement(sgebouw)
    De Duitse overheid heeft gemeld dat zij de jaarlijkse kerstmarkten en de Rijksdag in Berlijn als doelwit kunnen kiezen. Tubantia Loes Schutte 22-11-10 [https://www.tubantia.nl/overig/andere-sfeer-weihnachtsmarkten~a9e09668/ Andere sfeer Weihnachtsmarkten]
    Met nog iets meer dan een week te gaan tot de verkiezingen lijken de schandalen AfD niet meer te deren. De partij is hard op weg om de derde van Duitsland te worden, tot schrik van de huidige regering. ,,Met de AfD zitten binnenkort weer nazi's in de Rijksdag", somberde de sociaaldemocraat Sigmar Gabriel, de vice-kanselier en minister van Buitenlandse Zaken. Tubantia Gerben van 't Hof 15-09-17 [https://www.tubantia.nl/buitenland/voorman-van-rechtspopulistische-afd-wekt-woede-met-nazi-uitspraken~ab9202e2/ Voorman van rechtspopulistische AfD wekt woede met nazi-uitspraken]

Vertalingen

Engelsreichstag