positivisme
onzijdig (het)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (filosofie) de opvatting dat alleen de empirische wetenschappen geldige kennis opleveren
- (filosofie) een levensinstelling waarbij je ervan uitgaat dat alles goed komt,,Op mijn linkerbovenarm heb ik een grote tatoeage van Anne Frank. Die heb ik anderhalf jaar geleden laten zetten, ik wilde het al heel lang. Waarom? Zij is iemand die zo veel positivisme heeft nagelaten. Tubantia Bonne Kerstens 04-05-18 [https://www.tubantia.nl/show/5-mei-bevrijdingsfestivals-hier-moet-je-zijn~af8712b5/ 5 mei = Bevrijdingsfestivals! Hier moet je zijn]Als je met 3-1 achter staat en uiteindelijk alsnog gelijkspeelt, voelt dat als een overwinning. Dan heerst er positivisme en optimisme over het derde punt in uitduels dit seizoen. Tubantia Fardau Wagenaar 29-01-18 [https://www.tubantia.nl/heracles/heracles-soms-het-applaus-dan-weer-de-kritiek~ae9aebf3/ Heracles, Soms het applaus, dan weer de kritiek]
Etymologie
* afleiding van positief
Vertalingen
Engelspositivism, positivity, positivism
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek