positie
vrouwelijk (de)/po'zisi/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een stand van het lichaamDe sportman stond in positie , klaar om met al zijn armspieren de kogel zo ver mogelijk te stoten.
- een innerlijke houdingHij bevond zich in een erg pijnlijke positie nadat zijn vriendin hem verlaten had.
- een plaats van waaruit men iets onderneemtDe racewagen vertrok vanuit een erg gunstige positie waardoor hij ook de wedstrijd kon winnen.
- een toestand waarin iets of iemand zich bevindtDe advocaat wist zich geen raad met de huidige positie van zijn cliënt.„Elk incident, elke publicatie in de media is slecht voor de positie van Centric, want wij opereren in een markt waarin vertrouwen ontzettend belangrijk is”, schetste Luijten.
- een vaste betrekkingDe vrijgekomen positie bij het Openbare Ministerie was heel snel ingenomen.Daardoor kwam de verantwoordelijkheid voor het huis en het land ook grotendeels neer op de schouders van de kamerheer. Geoffrey Poke had zich al stevig geïnstalleerd aan de top van de hiërarchie van de bedienden toen Emont lord werd, en de combinatie van Geoffreys zucht naar macht en Emonts desinteresse gaf hem de gelegenheid om zijn positie verder uit te breiden.
- een maatschappelijke standMensen die te rade gaan bij het OCMW bevinden zich vaak in een erg benarde positie.Ontwikkel jezelf, zodat je altijd in een positie bent om elke keuze te maken die je zou willen maken.
- (muziek) de ligging van de handTijdens het bespelen van de gitaar moeten de vingers vaak in een erg pijnlijke positie geplaatst worden om een bepaald akkoord zuiver te laten klinken.
- (militair) een opstelling van troepen en materieelDe kolonel brulde over het terrein dat iedereen zich in positie moest zetten.
- plaats in een rijAlbert stond in derde positie, achter Berry en de jonge Péricourt, die zich omdraaide als om na te gaan of iedereen er wel was. {{Aut|Lemaitre, Pierre
- (natuurkunde) een punt in een n-dimensionale ruimte wat met coördinaten kan worden gekarakteriseerd (-> locatie)
Etymologie
* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘stelling’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1641
Vertalingen
Engelsposition, position, position
Fransposition, position, position
DuitsPosition, Position, Position
Spaansposición, posición, posición
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek