noodtrap
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- trap die je kunt gebruiken bij brand of in een andere noodsituatie die het gebruik van de lift of normale trappen belemmert; deel van een vluchtrouteDe werklieden waren een noodtrap aan het plaatsen tegen de zestien meter hoge muur, die vervolgens instortte. Er vielen ook enkele gewonden bij het nieuwbouwpand van Reynaers Aluminium in Duffel, dat iets onder Antwerpen ligt.de Telegraaf 20 dec. 2016 [https://www.telegraaf.nl/nieuws/1300111/bouwvakkers-dood-door-ingestorte-muur-belgie Bouwvakkers dood door ingestorte muur België]Donderdag bleek uit onderzoeken van de brandweer en de gemeente Nijmegen dat een aantal rookwerende deuren in het complex niet deugde. Daardoor kon de giftige rook van de brand zich door het hele gebouw verspreiden. Ook hield een van de twee noodtrappen op de eerste verdieping op. Aangezien het centrale trappenhuis door de brand onbruikbaar was, kon een deel van de 94 bewoners niet naar buiten.de Telegraaf 20 mrt. 2015 [https://www.telegraaf.nl/nieuws/841731/woonzorg-seniorenflat-voldeed-aan-eisen Woonzorg: seniorenflat voldeed aan eisen]
Vertalingen
Engelsfire escape, emergency staircase
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek