middenstander

mannelijk (de)/ˈmɪdə(n)ˌstɑndər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. beroep (beroep) zelfstandig ondernemer met weinig of geen personeel m.n. een winkelier die aan consumenten verkoop
    In de straten rond de universiteit zie je bij heel wat middenstanders affiches hangen waarop ze hun steun betuigen aan Ignatieff, zijn collega’s en zijn studenten: ‘I stand with CEU’. De strijd tegen de wet vindt ook brede weerklank buiten de academische wereld, ook al omdat de regering tegelijk ngo’s tegenwerkt die geld van Soros ontvangen (zoals Transparency International). De Standaard 24 juni 2017
    We kregen gezelschap van de eigenaar van de Gall & Gall van schuin tegenover, die de deur even dicht had gedaan om even als middenstanders onder elkaar te klagen. Ze begonnen met z’n tweeën tegen mij over het verkeerscirculatieplan van het winkelplein. Zij druk gebarend de ingang blokkerend, ik met de rug tegen de dozen.Volkskrant 27 mei 2016

Etymologie

* afleiding van middenstand

Vertalingen

Engelsretailer