matrijs

mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. vorm die dient om meerdere gelijke producten te maken
    Veel geavanceerder is dat ze ook RNA uit het weefsel isoleerden. RNA ontstaat als genen worden geactiveerd om eiwitten te produceren. Op het DNA van een geactiveerd gen wordt een kopie van RNA gemaakt. Dat boodschapper-RNA is de matrijs voor de eiwitsynthese. De hoeveelheid RNA in een weefsel is dus een maat voor de stofwisselingsactiviteit. En door de erfelijke code van het geïsoleerde RNA vast te stellen achterhaalden de onderzoekers wélke genen er actief waren, zowel in getrainde als in ongetrainde benen. De Standaard 24/09/2016 door Wim Köhler
    „Voor een groot buitenlands bedrijf zou ik graag eens een kunststof stoel willen ontwerpen. Een stoel met een combinatie van gladde en zachte kunststof die op een industriële manier, liefst met één matrijs, wordt geproduceerd. Een lastige opdracht, dat besef ik. Maar ik heb het gevoel dat ik nog maar net ben begonnen. Het beste moet nog komen.” NRC Arjen Ribbens 5 december 2015
  2. ijzer voor het maken van schroefdraden

Etymologie

*afleiding van het Franse matrice [https://fr.wiktionary.org/wiki/matrice Wiktionnaire]

Vertalingen

Engelstemplate
Fransmatrice
Spaansmatriz