kiskassen
/ˈkɪskɑsə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (inerg) keilen met platte steentjes over het wateroppervlak
- (inerg) afketsen van een lichtstraal op het wateroppervlak
- (ov) met smaak en in ruime hoeveelheid eten
Etymologie
*[3] reduplicerende (klanknabootsing):
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek