hersens
meervoud/ˈhɛrsəns/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (anatomie) waarnemend, aansturend, controlerend en informatieverwerkend orgaan in dierenOlifanten en walvissen hebben grotere hersens dan mensen, maar mensen zijn intelligenter.
- vermogen om goed over dingen na te denkenIk hou wel van een vrouw met een beetje hersens.
- (metonymisch) lichaamsdeel waar het brein in zitWanneer het angstige dier in een hoek is gedreven, slaat een man met een stok zijn hersens in.
Etymologie
*, alternatieve vorm van "hersenen" opgevat als meervoud van "hersen"
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek