grondvest

vrouwelijk (de)/ˈɣrɔntfɛst/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. verouderd, bouwkunde (verouderd) (bouwkunde) constructie in de grond die een stevige basis vormt om er een gebouw op te bouwen
    {{ouds
  2. verouderd, figuurlijk (verouderd) (figuurlijk) onveranderlijk en onmisbaar uitgangspunt voor verdere activiteit, organisatie of redenering
    {{ouds

Etymologie

*: grondvesten zonder de uitgang -en