fysiotherapeut

mannelijk (de)/ˈfiziʲoˌteraˈpœʏt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. medisch, beroep (medisch), (beroep) iemand die patiënten met verschillende lichamelijke klachten oefeningen laat doen die onder de noemer fysiotherapie vallen
    Toen Jan last had van zijn rug, ging hij naar de fysiotherapeut.

Etymologie

*afgeleid van therapeut