fungus
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (mycologie) "schimmel", "zwam"
Etymologie
* Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘zwam, paddenstoel’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1675
Vertalingen
Engelsfungus
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek