woorden
boek
Start
›
F
›
fluitspel
fluitspel
onzijdig (het)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
het muziek maken met een fluit; de keer dat men op een fluit speelt
Verwante woorden
Fluijt
fluim
fluimde
fluimen
fluimpje
fluimpjes
fluimt
fluister
fluisteraar
fluisteraars
fluisteraarster
fluisterasfalt
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← fluitspeelster
fluitspelen →