flauwte

vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. medisch (medisch) aanval van kortdurende bewusteloosheid
    Hyperventileren leidt niet tot flauwvallen, blijkt uit empirisch onderzoek aan het Leids Academisch Medisch Centrum, LUMC. Dat staat tot nog toe wel als mogelijks oorzaak voor een flauwte in de leerboeken.Volkskrant 24 september 2008

Etymologie

*afgeleid van flauw

Vertalingen

Engelsfaint
Spaansdesmayo, síncopa, síncope