fabel
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈfabəl/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (letterkunde) een kort moraliserend verhaal met dieren of zaken als handelende personen
- (letterkunde) een verzinsel
- (letterkunde) een verhaallijn
Etymologie
*Afkomstig van het Latijnse naamwoord fabula
Uitdrukkingen
- naar het rijk der fabelen verwijzen — voor onwaar verklaren
Vertalingen
Engelsfable, fable, fairy tale
Fransfable, fable, histoire
DuitsFabel, Anglerlatein, Jägerlatein
Spaansfábula, fábula, cuento
Italiaansfavola, favola, frottola
Portugeesfábula
Russischбасня, небылица, выдумка
Zweedsfabel, fabel, påhitt
Deensfabel
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek