emotie

vrouwelijk (de)/eˈmo(t)si/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. psychologie (psychologie) hevig gevoel, sterke gemoedsbeweging
    Het is niet goed om je emoties te onderdrukken.
    Mentaal sterke mensen: Vermijden zelfmedelijden; Zijn de baas over hun eigen emoties; Lopen niet weg voor veranderingen;
    In het Tweede Kamerdebat over de Voorjaarsnota heeft PVV-leider Wilders in een discussie over de koopkracht VVD-fractievoorzitter Hermans "de tassendrager van de heer Rutte" genoemd. De opmerking leidde tot emotie bij Hermans en verontwaardiging bij andere fractievoorzitters.

Etymologie

*van "émotion", in de betekenis van ‘gemoedsbeweging’ aangetroffen vanaf 1824

Vertalingen

Engelsemotion
Spaansemoción, afecto
Italiaansemozione
Zweedsemotion, känsla