dubbelpion
mannelijk (de)/ˈdʏbəlpiˌjɔn/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (schaak) twee pionnen van dezelfde speler die achter elkaar op één lijn staan (doordat met een van die pionnen is geslagen)We hebben nu allebei een officier verloren, die evenveel waard zijn, nl. drie pionnen. Maar nu moet je eens op je pionnen letten. Wat zie je op de c-lijn? Daar staan twee pionnen achter elkaar, één op c2 en één op c3. Dat noemen de schakers een dubbelpion. En dit moet je goed onthouden, Jan: meestal is een dubbelpion een zwakke plek in je spel. Een dubbelpion is dus meestal nadelig.
Vertalingen
Engelsdoubled pawn
DuitsDoppelbauer
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek