desillusie
vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- ontgoocheling, grote teleurstellingChurandy Martina verspeelde vrijdagavond zijn tweede Europese titel door een diskwalificatie op de 200 meter. (...) Martina sprak van een desillusie. NRC Henk Stouwdam 9 juli 2016'Mag ik uit jouw woorden concluderen dat het een gevecht tegen de bierkaai is? Dat alle inspanningen op de site tot niets concreets leiden? Dat ons gesprek gaat uitdraaien op één grote desillusie?'
Etymologie
*afgeleid van illusie
Vertalingen
Spaansdesengaño, desilusión
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek