cash

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. financieel, economie (financieel), (economie) contant geld
    Hij betaalde de ober met cash.
    Daar vloeide te veel cash in de zakken van derden.
    Tsjechische geheime dienst: Rusland betaalde cash aan bevriende Nederlandse en Europese politici. [https://www.parool.nl/wereld/tsjechische-geheime-dienst-rusland-betaalde-cash-aan-bevriende-nederlandse-en-europese-politici~bcb86a89/ www.parool.nl (28-mrt-2024)]

Etymologie

#contant