bevestigen
/bəˈvɛstəɣə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ditr) iemand mededelen dat iets zoals gevraagd is of verondersteld wordtVan zijn moeder konden we het verhaal van deze jongeman bevestigd krijgen.[http://www.politie-ijsselland.nl/nieuwsbrieven/steenwijkerland/swl040407.html Politie IJsselland]Was zij een slechte moeder? Ze knikte om deze vreselijke stelling te bevestigen.De bekende uitzondering die de regel bevestigt.
- (ov) vastmakenHet uithangbord werd met een metalen beugel aan de voorgevel bevestigd.Thuis had ik een systeem in elkaar geknutseld met klittenband die de paraplu aan mijn rugzak bevestigde, waardoor ik mijn handen vrijhield voor mijn wandelstokken.Rondom het bouwwerk waren steunen bevestigd, zodat de kinderen er naar hartenlust op konden klimmen.
- (ov) overtuigender makenDe politieagent kon het verhaal van mijn zoontje bevestigen.
- (ov) iemand plechtig in een rang of waardigheid installerenHij is opnieuw bevestigd in zijn ambt.
- (ov), (religie) een huwelijk ~: een huwelijk kerkelijk inzegenenHet huwelijk wordt volgende week zondag bevestigd.
Etymologie
*afgeleid van vestigen
Vertalingen
Engelsaffirm, confirm, fix
Fransconfirmer, accepter, affirmer
Duitsbestätigen, befestigen, fixieren
Spaansconfirmar, afirmar, corroborar
Italiaansconfermare
Portugeesfixar
Poolspotwierdzać
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek