benauwenis
vrouwelijk (de)/bə'nɔuwənɪs/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- benauwde gevoel van beklemmingIk denk dat ‘Apeldoorn’ voor u de benauwenis van het nakende leven als staatshoofd in één keer glashelder heeft gemaakt. En uitvergroot. U zult nog minder mogen, nog minder ‘gewoon’ kunnen doen, en na ‘Apeldoorn’ bent u ook fysiek kwetsbaarder dan ooit – behalve paparazzi, loeren er ook sluipschutters op u en uw familie. HP de Tijd 09/10 | 2009 Frans van Deijl [https://www.hpdetijd.nl/2009-10-09/we-zijn-u-zat-koninklijke-hoogheid/ We zijn u zat Koninklijke Hoogheid]De serie Perception of the Weary Eye doet je wanen in een droomwereld waarin rust en poëzie te vinden zijn, maar ook de onvermijdelijke verwarring, vermoeidheid en benauwenis. HP de Tijd 06/06 | 2015 Nick Muller [https://www.hpdetijd.nl/2015-06-06/eindexpo-2015-anne-paternotte/ Eindexpo 2015: Anne Paternotte]
Etymologie
* van benauwen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek