bajes

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈbajəs/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. informeel (informeel) gevangenis
    Iemand die lang in de bajes heeft gezeten noemen we een bajesklant.
    Zijn kamergenoot wilde natuurlijk meteen weten hoe het er daar aan toeging, in de bajes.

Etymologie

* Via het Jiddisch afkomstig uit het Hebreeuwse בית (bait, huis).

Vertalingen

Engelsbrig, can, cooler
Franstaule, tôle, cabane
DuitsKnast
Spaanschirona, cárcel, prisión