afsteller
mannelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- iemand die de instellingen van een systeem aanpast aan een specifieke situatieWij zelf in overheidsgedaante hebben de genadeslag gegeven aan de geloofwaardigheid van het stoplicht. Een briefschrijver wees er vorige week op deze pagina al op. Al die soorten en richtingen verkeer kregen een eigen stoplichtfase. De manische nationale behoefte aan risico-vermijding heeft de meeste stoplicht-afstellers er bovendien toe gebracht tussen rood voor de ene richting en groen voor de andere richting een zee van vele seconden in te bouwen. NRC Marc Chavannes 9 november 1991 [https://www.nrc.nl/nieuws/1991/11/09/allemaal-door-rood-6986600-a50995 Allemaal door rood]Jammer genoeg beef ons niet genoeg tijd om het probleem op te lossen", verklaarde de Belgische teamchef Marc Van Dalen, die vorig seizoen met Kronos als afsteller van Loebs Citroën de Fransman naar diens derde WK-titel voerde. De Standaard 20/01/2007 om 00:00 door loa [http://www.standaard.be/cnt/dmf20012007_042 Wereldkampioen Loeb op weg naar zege in rally Monte Carlo]
Etymologie
* van afstellen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek