afgrendeling
vrouwelijk (de)/ˈɑfxrɛndəˌlɪŋ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het actief isoleren en afsluiten van de omgevingDaarom, nu het virus toch niet meer klein te houden is, kiest Nederland niet voor een totale afgrendeling van het sociale verkeer.De Gazastrook is met een oppervlakte van 365 vierkante kilometer en bijna twee miljoen inwoners een van de dichtstbevolkte plekken op aarde. Door de afgrendeling en blokkades van deze straatarme strook land wordt het ook wel de grootste gevangenis ter wereld genoemd.
Etymologie
*afleiding van
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek