aanschouwing
vrouwelijk (de)/anˈsxɑuwɪŋ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het aandachtig waarnemen van ietsOp het eerste gezicht zou je hiervan zeggen dat ik dat uit eigen aanschouwing weet.
Etymologie
* van aanschouwen .
Vertalingen
Spaanscontemplación
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek