woorden
boek
Start
›
A
›
aanplant
aanplant
mannelijk (de)
/ˈamplɑnt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
het aanplanten
het aangeplante
Etymologie
* afgeleid van het ww aanplanten
Vertalingen
Engels
plantation
Spaans
plantio
Verwante woorden
aanpak
aanpakken
aanpakkend
aanpakkende
aanpakt
aanpakte
aanpakten
aanpalen
aanpalend
aanpalende
aanpap
aanpappen
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← aanplakzuilen
aanplanten →