aanpak

mannelijk (de)/ˈampɑk/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. manier van aanpakken, manier van werken
    Bij een verkeerde aanpak gaat het kind rebelleren tegen de ouders.
    Tegnell is het brein achter de controversiële aanpak van Zweden om het virus te bestrijden, en de regering van Stefan Löfven heeft zich in haar reactie op de pandemie op zijn adviezen gebaseerd. Tegnell verdedigde de afgelopen maanden stellig het losse coronaregime en bekritiseerde andere landen vanwege hun lockdowns.
    Blijkbaar was deze psychologische aanpak van de koude grond ongeschikt voor warmbloedige mensen zoals Heleen, dacht Chantal.

Vertalingen

Engelsapproach
Fransapproche
DuitsVorgehensweise
Spaansplanteo, planteamiento, enfoque