zwijgzaamheid
vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- de geneigdheid of gewoonte om te zwijgenZe stond niet bekend om haar zwijgzaamheid.Er verschijnt een barst in haar zwijgzaamheid, en plotseling tuimelen de woorden naar buiten.
Etymologie
*afgeleid van zwijgzaam
Vertalingen
Engelstaciturnity
Franstaciturnité
Spaanstaciturnidad
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek