Zulte
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈzʏltə/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (bloemplanten) bepaald soort plant, , met de bladvorm van een spinazieblad, ook lijkend op het oor van een lam
- (groente) bladeren van , vaak gegeten in combinatie met vis-, schelp-, schaaldier- en lamsvleesgerechten
Etymologie
*afgeleid van "zult" , in Noord-Nederland zo genoemd naar de uitgesproken zoute smaak
Vertalingen
Spaansestrella de arroyos, tripolio, áster marítimo
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek