zeilles
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈzɛilɛs/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- onderwijs in het varen op windkrachtDe enige illegale weg voert over het water: via de Oostzee naar Denemarken. Gompitz neemt zeilles, koopt een boot, spaart geld (in Westduitse valuta), vertelt niets aan zijn vrouw en wacht vervolgens op gunstige wind.Zeillessen van de Kieler Yachtclub.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek