zeekat
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈzekɑt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (koppotigen) benaming voor tienarmige inktvissen uit de orde
- (pregnant)Mijn dochter vond die zeekat maar eng.
- (kraakbeenvissen) benaming voor vissen uit de onderklasseIs dat dier een zeekat?
- (scheepvaart) (militair) bepaald type marineschipKijk, daar vaart een zeekat.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek