winnaar
mannelijk (de)/ˈwɪnar/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- degene die een strijd of wedstrijd in zijn voordeel beslist
Etymologie
* van winnen .
Uitdrukkingen
- De gedoodverfde winnaar
Vertalingen
Engelswinner
DuitsGewinner, Sieger
Spaansganador
Poolszwycięzca
Deensvinder
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek