werker
mannelijk (de)/ˈwɛrkər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- iemand die werkt
- iets om op of mee te werken bijv. een hoogtewerker
Etymologie
*afgeleid van werken
Vertalingen
Engelslaborer, labourer, worker
Spaansobrero, trabajador
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek