wekker

mannelijk (de)/ˈʋɛkər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een apparaat dat gebruikt wordt om de tijd bij te houden en een functie heeft die veel geluid produceert op een ingestelde tijd
    Zet de wekker voor morgenochtend maar een halfuurtje eerder, het wordt druk morgen.

Etymologie

* van wekken

Vertalingen

Engelsalarm clock
Fransréveille-matin, réveil
DuitsWecker
Spaansdespertador
Zweedsväckarklocka