wasdom

mannelijk (de)/ˈwɑsdɔm/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. ontwikkelen, proces van groeien
    (…) de groei van het onkruid zelf laat hij ongemoeid. Integendeel, hij heeft er de wasdom nog uitvoeriger van beschreven.
  2. volledige ontwikkeling, volgroeid zijn
    Ware liefde is wederzijds, en vergt tijd en geduld om tot wasdom te komen (…)

Etymologie

*van Middelnederlands "wasdom"; afgeleid van wassen (in de betekenis "groeien")

Uitdrukkingen

  • tot volle wasdom komen[2] helemaal ontwikkeld zijn