vuurgloed

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de warmte en het licht dat een brandend vuur uitstraalt
    Unizo Oostnieuwkerke houdt op 8 januari vanaf 19 uur een kerstboomverbranding op het terrein van de handelszaak Groentenhalle. Iedereen die dat wil, kan zijn kerstboom deponeren in de Spanjestraat 115. Bij de vuurgloed wordt gratis een warm drankje geschonken. De Standaard 29 DECEMBER 2009 (hwr) [http://www.standaard.be/cnt/672k83bv Kerstbomen]
    Toen ik de deur van mijn appartement op de eerste verdieping opende, sloeg de rook in mijn gezicht en zag ik bovenaan de trap een gele vuurgloed, zegt Deprez. De Standaard 06 NOVEMBER 2010 (gn)[http://www.standaard.be/cnt/nf31spdd Vier flats onbewoonbaar na brand]

Vertalingen

Engelsfirelight